Stucwerk en restaureren uitdagende combinatie
Er is stucwerk en stucwerk. Naast het gladde stucwerk, schuurwerk of raapwerk zijn er nog veel meer diverse manieren om oppervlaktes af te werken en te verfraaien. Echte vakmensen weten dat het niet alleen aankomt op de geschikte materialen en het gevraagde materieel, ook de juiste scherpte op de details is cruciaal. Dat geldt extra voor het stucwerk bij restauratieprojecten. Lois Vlasblom, directeur/eigenaar Elvee Stucwerk uit Zevenhuizen, weet er alles van en vertelt er graag over.
Kunstgeschiedenis als inspiratiebron
“In 2006 ben ik gestart met Elvee nadat ik tijdens mijn studie aan de Kunstacademie al veel stucklussen deed en merkte dat ik met mijn handen werken leuk vond. Overdag werkte ik als stukadoor en in de avond volgde ik de Stukadoorsopleiding niveau 2 tot aspirant stukadoor. Ook daarna stopte ik veel eigen tijd in mijn ontwikkeling waaronder projectonderwijs. In 2012 rondde ik de Meesteropleiding via het Stucgilde af. Eén van de geleerde decoratietechnieken was de Tadelakt methode, veelal toegepast in badkamers om deze waterdicht te maken. Vervolgens verwerkte ik het materiaal Terrastone op hoogwaardig niveau. Deze ervaringen brachten mij op bijzondere plekken in Europa. Veel inspiratie haalde ik hierbij uit mijn studie Kunstgeschiedenis. En zo was de cirkel rond”, vertelt Lois enthousiast.
Opstarten als ondernemer
In de jaren die volgden investeerde Vlasblom veel tijd in het verbreden van zijn netwerk. Zo restaureerde Elvee in 2012, samen met een team stucadoors, de Rotterdamse Hofbogen. Dit gemeentelijk project hield de restauratie in van de buitenzijde van de kilometerlange bogen van dit historische viaduct. Door de omvang van dit project deed Vlasblom veel ervaring op met restauraties. De restauratie van de Hofbogen bevatte namelijk veel frijnwerk. Hierbij wordt het stucwerk ingekamd en krijgt vervolgens de uitstraling van gefrijnd natuursteen maar dan in de vormen van de lijsten en de bogen. Ook moesten er grote lijsten getrokken worden. Tevens werd het netwerk van Vlasblom flink uitgebreid en hij werd nog meer uitgedaagd doordat hij voorzitter van het Stucgilde werd en de coördinator van de landelijke vakopleiding meester restauratiestukadoor in Veenendaal (in samenwerking met NOA en Savantis).
Op de vraag of dit betekende dat de klanten van Elvee direct binnenstroomde, heeft Vlasblom een duidelijk antwoord: “Mijn doel was om niet te snel te groeien en vooral restauratieklussen aan te nemen. Ik ging consumentenbeurzen als Lifestyle en de Woonbeurs af en leerde mijzelf verkopen. Het is ook wel een kwestie van gewoon in jezelf geloven. En maakten we langzaam maar gestaag steeds meer vlieguren!”
Moeizame start
Het eerste contact met Van den Bouwhuijsen was een aanvraag via internet. Er werd een offerteronde aangekondigd en Elvee werd uitgenodigd om mee te doen. “Eerlijk gezegd had ik er een negatief gevoel bij. Er was veel calculatiewerk en geen persoonlijk contact. Daarom heb ik meteen maar gebeld. Nadat ik de projectleider, Martijn van Doesburg, had gesproken, was het gevoel goed. De offerte bleek overtuigend en daarmee mochten we dit bijzondere restauratieproject gaan uitvoeren”, aldus Vlasblom.
Direct bij de start waren er meer problemen dan vooraf gedacht. Gelukkig werd de specialistische kennis en de expertise van Elvee hierin serieus genomen. Elvee kreeg het vertrouwen en de meerwaarde werd gezien. De start was chaotisch en bovendien met een flinke tijdsdruk. Naar Rotterdams gebruik kwam de instelling van “Niet lullen maar poetsen” goed tot zijn recht in Den Haag.
Restauratie buiten stucwerk
Bij de uitvoering van het buitenwerk was direct vakspecialistische kennis nodig. Zo bleek de zoutconcentratie in de buitenmuren erg hoog en door de grote hoeveelheid en door de grote hoeveelheid vocht ontstaan zout uitbloeiingen met als gevolg veel schade. Door middel van het aanbrengen van kompressen zijn de zouten zoveel mogelijk onttrokken. Daarna kwam pas het echte stucwerk. Vanwege de verschillende fases van andere werkzaamheden, zoals het vervangen dan de dakgoten en de zinken dakwerken, werd er een flink beroep gedaan op de wendbaarheid van Elvee.
Ander voorbeeld is de restauratie van de waterlijsten, lijsten die het water zo lang mogelijk van de gevel moeten houden. Deze lijsten waren gemaakt van kalk en een sterke cementmortel en daarmee extra kwetsbaar voor weersinvloeden. De lijsten zijn daarom nu opgebouwd uit een kunsthars gebonden cementmortel waarmee de hechting en de spanning op de stenen sterk verbeterd zijn.
Restauratie binnen
“Daarna gingen we binnen aan de slag en ook hier is vanaf dag 1 onze specialistische kennis goed ontvangen”, vervolgt Vlasblom. “Zo bleken plafondlijsten grotendeels los te hangen. Door de wisselende temperaturen door de jaren heen, kwamen vele lagen van het stucwerk los. Ook troffen we bij het affrezen van de toplaag van het plafond kaders van ornamenten aan. Deze ornamenten zaten nog wel in de kamer ernaast. Toen zijn er van siliconen mallen gemaakt en zo konden we de ornamenten namaken. De nieuwe ornamenten waren veelal geplakt en soms gespijkerd. Tegenwoordig schroeven we veel meer, zo is de bovenlaag vastgeschroefd.”
Samenwerken is key
Op de vraag waar Vlasblom het meest trots is, komt een duidelijk antwoord. “Op de samenwerking met zoveel verschillende restauratiespecialisten. We hebben dit resultaat echt samen bereikt. En dat is ook precies de toegevoegde waarde van Stucgilde”, besluit Vlasblom.



